Hoe krijg je grip op maatschappelijke voorzieningen: in gesprek met de gemeente Hilversum, Springco en STIPO
02 07 2026Hoe zorg je ervoor dat wijken en buurten ook in de toekomst voldoende maatschappelijke voorzieningen hebben? Die vraag stond centraal in de samenwerking tussen gemeente Hilversum, STIPO en Springco. Vanuit de omgevingsvisie en de visie sociaal domein wilde Hilversum meer grip krijgen op het maatschappelijke voorzieningenaanbod in de stad. Niet alleen op stedelijk niveau, maar juist ook per wijk en buurt.
In gesprek met Marc Dols van de gemeente Hilversum blikken Roosmarie Stavenuiter van STIPO en Tycho Levels van Springco terug op de aanleiding, de aanpak en de inzichten uit het traject. Wat leverde de combinatie van data, beleidsanalyse en gebiedskennis op? En hoe helpt de leidraad de gemeente nu bij concrete keuzes?
Bij welke opgave had gemeente Hilversum hulp nodig?
De aanleiding voor het traject lag in de ambities uit de omgevingsvisie en de sociale visie van Hilversum. De gemeente wil wijken en buurten toekomstbestendig maken. Daarvoor is het belangrijk dat er voldoende maatschappelijke voorzieningen aanwezig zijn.
“Door een passend aanbod aan maatschappelijke voorzieningen kun je bijdragen aan een sterke Hilversumse gemeenschap,” vertelt Marc. “Landelijk zijn er steeds meer richtlijnen beschikbaar, maar die zijn vaak algemeen of specifiek op een andere gemeente van toepassing. Voor ons was het belangrijk om advieslijnen te ontwikkelen die passen bij de Hilversumse context.”
Daarom ging de gemeente op zoek naar partijen die ervaring hadden met dit vraagstuk. Springco en STIPO kwamen daarbij als combinatie naar voren. Volgens Marc gaf de combinatie Springco / Stipo vertrouwen dat er niet alleen goed onderbouwde advieslijnen worden opgeleverd, maar dat ook de lokale context voldoende zou worden meegenomen.
Hoe hebben Springco en STIPO bijgedragen aan de beantwoording van die vraag?
De kracht van het traject zat in de combinatie van een kwalitatieve en kwantitatieve aanpak. STIPO maakte een beleidsanalyse en organiseerde bijeenkomsten met beleidsadviseurs, wijkregisseurs en maatschappelijke partners. Ook werd de stad letterlijk verkend: op de fiets door Hilversum, langs verschillende plekken en voorzieningen.
“De kwalitatieve inzichten hielpen om de kwantitatieve analyse goed te duiden.”
Roosmarie vertelt dat die gebiedsverkenning veel opleverde: “Het was belangrijk om Hilversum echt goed gezien te hebben. Door verschillende typen voorzieningen te bezoeken en met wijkregisseurs en partners te spreken, krijg je veel beter grip op de lokale situatie.”

Springco voerde de meer technische en kwantitatieve analyse uit. Daarbij werden data, benchmarks en ruimtelijke inzichten samengebracht. Zo kon de gemeente op huishoudniveau worden geadviseerd over de benodigde ruimte voor voorzieningen. Die analyses kregen vervolgens meer betekenis doordat ze werden gecombineerd met de gesprekken en gebiedskennis van STIPO en de gemeente.
We zijn benieuwd: zijn de uitkomsten inmiddels al gebruikt?
De leidraad met advieslijnen wordt inmiddels al op meerdere manieren gebruikt binnen de gemeente. Marc vertelt dat de gemeente de leidraad inzet bij aanvragen vanuit de omgevingstafel. Daarmee kan de gemeente beoordelen hoe het voorzieningenniveau in een wijk of buurt ervoor staat, en of er aanleiding is om extra maatschappelijke ruimte te vragen.
Ook bij vragen over panden die niet maatschappelijk bestemd zijn, helpt de leidraad om een beter onderbouwd advies te geven. Bijvoorbeeld wanneer wordt onderzocht of een maatschappelijke functie op een bepaalde plek passend is.
“De leidraad geeft ons meer rugdekking in gesprekken,” zegt Marc. “We kunnen beter uitleggen waarom een bepaalde voorziening op een plek wel of niet logisch is.”
De vertaling naar de praktijk blijft soms zoeken. De leidraad geeft inzicht in ruimtevraag en tekorten, maar ontwikkelende partijen vragen vaak ook naar concrete gebruikers of organisaties die zich willen vestigen. Juist daar ontstaat een spanningsveld: de gemeente wil inzicht hebben in de behoefte, maar is geen makelaar en wil ook geen partijen voortrekken.
Hoe wordt de leidraad toegepast in gebiedsontwikkelingen?
Naast gebruik bij concrete aanvragen werkt Hilversum ook aan meer digitale toepassingen van de leidraad. Zo wordt gekeken hoe de effecten van gebiedsontwikkeling op maatschappelijke voorzieningen inzichtelijk gemaakt kunnen worden. Wat betekent het bijvoorbeeld als er honderden woningen bijkomen in een gebied? Welke extra voorzieningen zijn dan nodig?
Ook ontwikkelde de gemeente een leegstandsmonitor, waarmee op de kaart zichtbaar wordt welke panden met een maatschappelijke of gemengde functie leegstaan en mogelijk benut kunnen worden. Marc plaatst daar wel een kanttekening bij: het is belangrijk data aan te vullen met actuele ervaringen uit de praktijk om doorslaggevend te zijn.
De leidraad is ook toegepast bij concrete gebiedsontwikkelingen, zoals de Hilversumse Meent en Sportpark. Daar helpt de analyse om te onderbouwen welke voorzieningen passend zijn. Denk aan vragen als: is hier ruimte nodig voor een gezondheidscentrum? Is kinderopvang gewenst? En hoe verhoudt dat zich tot bestaande voorzieningen in de omgeving?
Fijn dat het al concrete wordt toegepast! Waren er trouwens verrassende inzichten naar voren gekomen?
Een belangrijk inzicht was dat de druk op voorzieningen sterk verschilt per wijk. In sommige wijken is sprake van hoge druk, terwijl in andere wijken op papier juist relatief veel voorzieningen aanwezig zijn. Maar ook daar is nuance nodig.
Marc noemt als voorbeeld wijken waar veel voorzieningen aan huis gevestigd zijn, zoals een tandarts met een praktijk aan huis (zie afbeelding). Die tellen op dit moment mee in het aanbod, maar zijn niet altijd structureel geborgd. Wanneer een eigenaar verhuist of stopt, verdwijnt de voorziening mogelijk ook uit de wijk. “Dan heb je nu misschien een overschot, maar als meerdere voorzieningen op die manier verdwijnen, kan daar in de toekomst juist een tekort ontstaan,” legt Marc uit.

“Je krijgt door de data inzicht op wijk- en buurtniveau, maar de gesprekken maken duidelijk wat er lokaal echt speelt.”
Ook Roosmarie herkent het belang van nuance. In sommige wijken leek uit de data een ruim aanbod naar voren te komen, terwijl wijkregisseurs aangaven dat er in de praktijk juist behoefte was aan toegankelijke plekken of andere vormen van ontmoeting. Zulke gesprekken verrijkten de analyse en hielpen om de uitkomsten beter te interpreteren.
Wat maakte de samenwerking succesvol en wat was de waarde van de combinatie tussen Springco en STIPO?
Volgens Marc, Roosmarie en Tycho zat de kracht van de samenwerking vooral in het open gesprek. Het traject kende onderweg ook uitdagingen, maar doordat gemeente Hilversum, STIPO en Springco met elkaar in gesprek bleven, kon steeds worden bijgestuurd.
Tycho kijkt positief terug: “We zijn goed met elkaar blijven praten over de richting van het traject en hebben echt iets neergezet waar de gemeente mee verder kan.”
Roosmarie noemt het traject compleet. Er is gesproken met collega’s, maatschappelijke partners en wijkregisseurs, en er is op veel plekken in de stad gekeken. Dat zorgde voor draagvlak én voor rijkere inzichten. Daarnaast is gedurende het traject besloten extra aandacht te hebben voor de Hilversumse Meent, zodat we samen met de gemeente de advieslijn direct bij een lopende gebiedsontwikkeling konden toepassen.
Marc benadrukt daarnaast de waarde van externe expertise. “Het is goed om een partij van buiten te hebben die meedenkt en adviseert. Dat helpt om het verhaal sterker te maken en om de basis goed neer te zetten.”
Voor gemeente Hilversum was juist de combinatie van data en kwalitatieve duiding belangrijk. “Springco is sterk in het inzichtelijk maken van de data, de achterliggende cijfers, plekken en benchmarks,” zegt Marc. “En STIPO kon vanuit hun visie op de complete buurt, de gesprekken met betrokkenen en gebiedskennis meedenken over de lokale betekenis daarvan. Juist die onderlinge samenwerking heeft geleid tot het resultaat dat we nu hebben.”
“Data geeft richting, en de lokale duiding maakt het toepasbaar.”
Die combinatie maakte het mogelijk om niet alleen te kijken naar normen en vierkante meters, maar ook naar de vraag: wat heeft deze wijk, met deze bewoners en deze context, echt nodig?
Verder werken aan toekomstbestendige voorzieningen
Voor Hilversum is de leidraad geen eindpunt, maar een hulpmiddel dat steeds vaker wordt ingezet bij ruimtelijke afwegingen, gebiedsontwikkelingen en gesprekken met partners. De gemeente werkt daarnaast aan digitale toepassingen om de inzichten beter toegankelijk en toepasbaar te maken.
Daarmee ontstaat stap voor stap meer grip op een complex vraagstuk: hoe zorgen we ervoor dat maatschappelijke voorzieningen meegroeien met de stad, aansluiten bij de behoefte per wijk en bijdragen aan sterke, toekomstbestendige buurten.
Wil je naar aanleiding van dit interview meer weten over hoe Springco gemeenten helpt om maatschappelijke voorzieningen inzichtelijk te maken? Mail ons: info@springco.ai