Scroll

Stadsvernieuwing 3.0

14 10 2020

Toen Franse ambtenaren als onderdeel van een uitwisselingsprogramma over probleemwijken ons Kanaleneiland bezochten, keken ze vertwijfeld om zich heen. Veel groen, een rustige buurt en mooi vastgoed. Ja, ook in Nederland hebben we wijken met problemen. Maar we hebben geen banlieues. Dat we geen banlieues hebben is geen toeval, maar een rechtsreeks gevolg van Neerlands rijke geschiedenis van stedelijke vernieuwing.

 

Tijdens de jaren ’70 stond hierbij de bestrijding van fysieke verpaupering centraal (Stadsvernieuwing 1.0) en in de decennia daarna was beleid erop gericht ook sociale problematiek tot het stedelijk gemiddelde terug te dringen (Stadsvernieuwing 2.0). Nu de concentratie van problemen achter de voordeur in sommige buurten weer toeeneemt pleit het Forum voor Stedelijke Vernieuwing voor een volgende slag met Stadsvernieuwing 3.0: een integrale aanpak waarin ook aandacht is voor de functie die een wijk heeft in de stad.

 

Bottom-up stadsvernieuwing

 

Zoals onze bedrijfsfilosofie voorschrijft zijn wij op zoek gegaan naar een manier om deze Stadsvernieuwing 3.0 van onderaf vorm te geven. Dit betekent dat eerst in beeld moet worden gebracht wat per wijk de opgave is, want de lokale context is bepalend voor de aard van multiproblematiek. Waar de ene wijk behoefte heeft aan betere onderwijsprestaties en hogere arbeidsparticipatie van schoolverlaters kan vermindering van criminaliteit juist van grote invloed zijn in een andere wijk.

 

Voor 300 kwetsbare stadsbuurten zijn we op zoek gegaan naar look-a-likes. Wijken met een vergelijkbare fysieke opbouw, maar veel betere maatschappelijke prestaties. Omwille van Toblers eerste wet van de geografie – “Everything is related to everything else, but near things are more related than distant things” – hebben we de computer meegegeven rekening te houden met de locatie van de look-a-likes. Die moeten enigszins in de buurt zijn. Maar verder kreeg het algoritme alle vrijheid. Uiteindelijk was de hamvraag natuurlijk: Waarom presteren deze wijken nou beter, terwijl ze er hetzelfde uitzien?

 

Archimedesbuurt en vijf ‘look-a-likes’

 

Locatiegerichte maatregelen

 

Voor de Archimedesbuurt in Haarlem werden vijf vergelijkingsbuurten binnen de corop-regio gevonden, zoals weergegeven op de bovenstaande kaart. Nadere analyse leert dat het grootste gat met die buurten ligt op het gebied van sociale participatie en schuldhulpverlening, terwijl de Archimedesbuurt het op de gebieden wonen, economie en onderwijs gewoon goed doet. Op basis van die informatie kan context-specifiek worden gestuurd met maatregelen die aansluiten bij de lokale behoefte. Momenteel zijn we met onze partner Rebel bezig met een maatschappelijke kosten-baten analyse voor deze maatregelen.

 

Waar Stadsvernieuwing 2.0 bij het opwaarderen van een wijk nog uitging van stedelijke gemiddeldes, kunnen we dankzij moderne technologische ontwikkeling bij Stadsvernieuwing 3.0 veel meer maatwerk leveren. Springco gelooft in bottom-up beleid maken, waarin de uniciteit van elke plek en ieder individu op waarde wordt geschat.

Delen
Back to top

Springco gebruikt cookies

We vinden privacy belangrijk. We gebruiken uitsluitend cookies die noodzakelijk zijn voor het juist functioneren van onze website en het meten van het aantal bezoekers. U kunt de cookies ook weigeren en verder gaan. Lees onze privacyverklaring.
Springco’s Spotlight